Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Er worden posts getoond met het label Test

Test van Slump

Fysiotherapeutische Testen Test van Slump Uitvoering: • Zitten op de tafel de onderzoeker staat achter de persoon; • Breng de handen achter op de rug en laat ze ze vasthouden; • Onderuit gaan zitten (flexie thoracaal en lumbaal); • Plaats je bovenarmen (ellebogen) op de schouders en breng de TWK en LWK verder in flexie: het sacrum blijft verticaal; • De onderzoeker voert passieve flexie van de heup met gestrekt been uit • Deze test wordt zoveel links als rechts uitgevoerd. Doel van het onderzoek:  Extra rek van de dura mater en de zenuwwortels van L4 tot en met S2. De test is positief indien de zenuwwortel-compressie verschijnselen optreden. Note:  Met een score variërend van 0.14 tot 0.87 is er een matige score met betrekking tot de interbeoordelaarsbetrouwbaarheid, hierdoor is het moeilijk te bepalen of verschillende fysiotherapeuten tot dezelfde testuitslagen zullen komen. Er is eveneens nog geen eenduidigheid over de positieve symptomen....

Spurling’s Compression test

Fysiotherapeutische Testen (Cervicale Radiculopathie) Spurling’s compression test Uitvoering: Zittende patiënt. De spurling’s test wordt in 3 verschillende stadia uitgevoerd. De test is positief wanneer de patiënt  herkenbare (radiculaire) klachten ervaart tijdens het uitvoeren van de test. Als er bij de eerste of tweede stap een provocatie van klachten optreed is de test positief en dient er niet verder getest te worden. De testen worden in de onderstaande volgorde uitgevoerd, omdat een opvolgende stap het foramen intervertebrale telkens iets kleiner maakt dan de voorgaande stap. 1. Therapeut geeft een axiale druk richting caudaal op het hoofd van de patiënt. De cervicale wervelkolom van de patiënt is in neutrale positie 2. Therapeut geeft een axiale druk richting caudaal op het hoofd van de patiënt. De cervicale wervelkolom van de patiënt in latroflexie. (Naar de kant van de radiculaire klachten. ) 3. Therapeut geeft een axiale druk richting caudaal ...

Patrick sign/ Faber test

Fysiotherapeutische Testen Patrick sign/ Faber test Doel: S.I. betrokkenheid Uitvoering: De patient ligt in ruglig op de behandelbank, de therapeut staat aan de zijkant. Een been blijft gestrekt liggen, terwijl aan de testkant de heup naar flexie, abductie en exorotatie gebracht wordt, de knie is in flexie, zodat de hiel tegen het contralaterale knie aan ligt. De therapeut fixeerd de contralaterale SIAS en geeft druk op de geflekteerde knie. Test is positief als herkenbare pijn onder L5 in de bil optreedt. Pijn in de lies spreekt eerder voor een heupaandoening. Note:  Er is op dit moment meer onderzoek nodig om een duidelijke uitspraak over deze test te kunnen doen. Artikel: Howard et all. (2003) Sens: 82 Spec: 100 Fysiotherapeutisch testen lumbaal Fysiobasics

Schouder abductie test

Fysiotherapeutische Testen Schouder abductie test Uitvoering: De patiënt zit op de rand van de behandelbank. De patiënt legt de hand  aangedane zijde  op het hoofd.  De onderzoeker vraagt naar de aanwezigheid of de afwezigheid van symptomen in de arm. Positieve test :   Reductie van symptomen in de arm. Note:   De bedoeling van deze test is om een radiculopathie uit te sluiten.  Deze test is niet geschikt voor screening.  (Laag sensitief). De onderzoeken die nu bekend zijn  (nog van een te lage kwaliteit) lijkt te komen dat deze test redelijk specifiek (80-92) is. Vanwege de lage kwaliteit van onderzoeken op dit moment te weinig bewijs voor deze test. Artikel:  Wainner et al (2003) Sens: 17 Spec: 92 Fysiotherapeutisch testen cervicaal Fysiobasics

Klein Nieuwenhuyse test

Fysiotherapeutische Testen Klein Nieuwenhuyse test ( VBI-test) Uitsluiten van een mogelijk probleem met de arterie vertebralis, in de cervicale wervelkolom. Dit is een premanipulatieve test, dit houdt in dat deze test wordt uitgevoerd voordat er een mobilisatie/manipulatie van de CWK in de eindgrens uitgevoerd wordt, voor veiligheid van de patiënt. Uitgangshouding patiënt: in ruglig  Uitgangshouding therapeut: aan het hoofdeinde of aan de zijkant van de patiënt. Het  hoofd en de nek van de patiënt worden in extensie en rotatie gebracht door de therapeut. De therapeut houdt deze uitgangshouding minimaal 30 seconden vast. Let er hierbij op dat bij een linkse rotatie de doorlaatbaarheid van de rechtse a. vertebralis wordt getest. De linkse arterie wordt namelijk afgesloten, er wordt gekeken of de andere arterie (in dit geval de rechtse) voldoende doorlaatbaar is om de functie over nemen. Volgens Hutting  2012: Specificiteit: 0,67-1,00/ Sensit...

Methodologie

Fysiotherapeutische Testen Methodologie Kwantificeren van de waarde van een diagnostische test De belangrijkste methodologische termen op rij + Kwantificeren van de waarde van een diagnostische test . Validiteit:  Men meet werkelijk wat men meten wil. Sensitiviteit: Is het percentage terecht positieve uitslagen onder de zieke personen. Het is de verhouding tussen het aantal personen dat positief scoort en bij wie de door de test onderzochte ziekte daadwerkelijk aanwezig is, en het totaal van alle onderzochte personen met de ziekte (inclusief het aantal personen dat negatief scoort en bij wie de ziekte toch aanwezig is). Het is dus een maat voor de gevoeligheid van de test voor de onderzochte ziekte. Hoe hoger de sensitiviteit van een test, hoe groter de kans dat iemand die daadwerkelijk de ziekte heeft, een positieve testuitslag krijgt. Specificiteit: Een test kan een hoge sensitiviteit (gevoeligheid) hebben, maar vaak vals alarm slaan. De test moet o...

Flexie Rotatie Test

Fysiotherapeutische Testen Flexie Rotatie Test (FRT) Uitvoering: Patiënt ligt op de rug. _ De Patiënt heft actief zijn hoofd in maximale flexie. - De onderzoeker voert een maximale rotatie uit naar beide zijde. - De test is een pijnprovocatie-test en een test voor de mobiliteit HCWK. Als er een verschil van 10 > graden is kan deze test als positief worden beschouwd. Artikel Sens Spec Quadas Hall & Robinson (2004) 86 100 12 Fysiotherapeutisch testen cervicaal Fysiobasics