Doorgaan naar hoofdcontent

Fysio-Motion

Fysio-Motion


Bewegingsuitslagen



Reacties

Populaire posts van deze blog

Capsulaire Patronen/ MLPP/ MCPP

Fysio-Motion Capsulaire Patronen/ MLPP/ MCPP Capsulaire patronen: Onder een capsulair patroon wordt verstaan: een voor ieder gewricht kenmerkende volgorde van (al of niet pijnlijke) bewegingsbeperkingen die ontstaan bij irritatie van het totale gewrichtskapsel, zoals bij artritis of artrose. (De meest beperkte beweging wordt eerst genoemd.) Maximally loose-packed position = MLPP: de ruststand van het gewricht, waarbij de spierspanning en bindweefselspanning minimaal is. Dit is de meest mobiele positie die mogelijk is. Maximally close-packed position = MCPP: de vergrendelstand van het gewricht, waarbij de spierspanning en de bindweefselspanning maximaal is. Het gewricht staat dan ‘op slot’, in zijn meest stabiele positie. Cervicaal Capsulair patroon:  extensie/ rotatie en lateroflexie / flexie Lumbaal Capsulair patroon:   extensie en lateroflexie in gelijke mate / flexie Schouder Capsulair Patroon : exorotatie> abductie> en...

Centralisatie test (Discogeen)

Fysiotherapeutische Testen Lumbaal Centralisatie (Discogeen) Uitvoering: De belaste centralisatie test is in stand. De patiënt voert herhaaldelijke bewegingen naar de eindstand  in de flexie, extensie en latroflexie uit. De herhalingen worden tussen 5-20x uitgevoerd per richting totdat er centralisatie of periferalisatie optreed. Interpretatie:    Centralisatie wordt geassocieerd met discogene symptomen. Artikel:  Laslett et all.  (2005) Sens: 40 Spec: 94 Fysio-testing lumbaal

Spurling’s Compression test

Fysiotherapeutische Testen (Cervicale Radiculopathie) Spurling’s compression test Uitvoering: Zittende patiënt. De spurling’s test wordt in 3 verschillende stadia uitgevoerd. De test is positief wanneer de patiënt  herkenbare (radiculaire) klachten ervaart tijdens het uitvoeren van de test. Als er bij de eerste of tweede stap een provocatie van klachten optreed is de test positief en dient er niet verder getest te worden. De testen worden in de onderstaande volgorde uitgevoerd, omdat een opvolgende stap het foramen intervertebrale telkens iets kleiner maakt dan de voorgaande stap. 1. Therapeut geeft een axiale druk richting caudaal op het hoofd van de patiënt. De cervicale wervelkolom van de patiënt is in neutrale positie 2. Therapeut geeft een axiale druk richting caudaal op het hoofd van de patiënt. De cervicale wervelkolom van de patiënt in latroflexie. (Naar de kant van de radiculaire klachten. ) 3. Therapeut geeft een axiale druk richting caudaal ...